NL EN
Geweerdiertjes: Beerdiertjes uit een geweer geschoten
Onderzoek

Geweerdiertjes: Beerdiertjes uit een geweer geschoten

Beerdiertjes kunnen alles overleven, toch? Gloednieuw onderzoek bekijkt de vraag nog eens aandachtig.

Beerdiertjes, bekend van het logo van Leiden Science Magazine, zijn microscopische dieren beroemd om hun taaiheid. Ze overleven bijna alles: extreme hitte, extreme kou, extreme druk, plaatsen zonder zuurstof of met gevaarlijke chemicaliën. Je kunt ze vinden in hete bronnen, op de hoogste bergen van de Himalaya, in de diepzee, in de bomen van een tropisch bos of onder een dikke laag ijs. Dat is allemaal mooi, maar hebben ze het ooit kunnen navertellen dat ze uit een geweer zijn geschoten? Dat klinkt als Wetenschap met een grote W, laten we het uitzoeken.

Okee, het is niet alleen maar ludiek; er zit daadwerkelijk een redenering achter. Eén van de grote vragen in de astronomie en biologie is de vraag of we de enige levende wezens in dit universum zijn. En zo niet, zou het dan mogelijk zijn voor levende wezens om van de ene naar de andere planeet te reizen? In dit geval moet je dan niet denken aan ingewikkelde ruimteschepen met hoog-ontwikkelde, intelligente wezens aan boord, maar aan stukken puin die door het heelal reizen en “per ongeluk” een stukje leven meenemen. Dit idee, dat leven meelift op rondvliegend puin, heet panspermie. Het is niet een heel gekke gedachte: we weten al dat bacteriën zijn meegekomen met de astronauten die op de maan landden. Bovendien heeft elke planeet talloze inslagen van meteorieten gehad, en het is zo ook voor te stellen dat zo’n brok aminozuren, water, of zelfs leven met zich meebrengt.

Het probleem met panspermie is dat het best wel heel erg lastig is voor leven om te overleven in de kou, radioactieve straling en zuurstofloosheid van de ruimte. Als ze het dan door de reis zelf heen zouden komen, dan knallen ze ook nog tegen een andere planeet met een immense klap. Omdat het bekend is van beerdiertjes (Tardigrada) dat ze een tijdje onder zulke extreme omstandigheden kunnen overleven, is de bottleneck misschien wel eens de schok van het landen die ze de das om doet. Je ziet misschien al waar dit naartoe gaat: we zouden dus graag willen weten of het best overlevende diertje dat we kennen een extreme knal kan ondergaan en het er levend vanaf brengen. Als dat zo is, dan zullen ze dat misschien ook wel kunnen in de ruimte, wat een bewijs kan zijn voor de panspermie theorie. Dus tja, tijd om beerdiertjes uit een pistool te schieten.

Alejandra Traspas en Mark Burchell van de Universiteit van Kent schoten beerdiertjes uit een reusachtig luchtgeweer, typisch voor het onderzoek naar de inslag van meteorieten. Ze overleefden een schot van 3200 km/u, goed voor zo’n 1.14 gigapascal, ongeveer vergelijkbaar met de druk van alle inwoners van Katwijk die tegelijkertijd op je rug springen. Als ze de diertjes met een nóg grotere snelheid weggeschoten werden dan werd de druk te hoog en overleefden zelfs de stoerste beerdiertjes het niet meer.

Tardigradegraph
Resultaten uit het onderzoek uit Kent. We zien dat de reputatie van beerdiertjes als onverwoestbare beestjes pas onder extreme omstandigheden in gevaar komt.

Wat betekent dit voor de panspermie-theorie? Als je een organisme hebt dat zo onverwoestbaar is als een beerdiertje, dan zou het kunnen dat organismen het overleven in de reis tussen twee hemellichamen zoals de Aarde en de Maan, of Mars en zijn maan Phobos. Veel grotere afstanden worden al een stuk lastiger, niet alleen door de druk van de inslag, maar ook de radioactieve straling die ze moeten overleven in de ruimte. Kleine afstanden kunnen de beerdiertjes dus wel reizen, maar langere ruimtevaart wordt ze toch teveel. Een opluchting voor astronauten die bang zijn onontgonnen planeten te besmetten met Aards leven, maar toch een domper voor diegene die graag een interstellaire beerdiertjes-beschaving hadden willen zien.

Artikel:

  • Alejandra Traspas and Mark J. Burchell; Tardigrade Survival Limits in High-Speed Impacts—Implications for Panspermia and Collection of Samples from Plumes Emitted by Ice Worlds. Astrobiology. ahead of print http://doi.org/10.1089/ast.2020.2405

0 Reacties

Geef een reactie